Bestuur
Vierjaarlijks onderzoek Inspectie van het Onderwijs
Elk bestuur van scholen in Nederland wordt minstens één keer in de vier jaar onderzocht door de Inspectie van het Onderwijs.
In 2022 is Stichting Openbaar Onderwijs Oost Groningen (SOOOG) bezocht door de Inspectie van het Onderwijs. De inspectie heeft onze onderwijsorganisatie op alle kwaliteitsstandaarden de hoogste beoordeling toegekend.
Begroting
Met trots presenteren wij de SOOOG-begroting 2026 in ‘vogelvlucht’. De infographic geeft de begrote inkomsten en uitgaven voor 2026 op een overzichtelijke en begrijpelijke wijze weer. De begroting vormt een solide basis om met beleid te investeren in onderwijs aan kinderen in Oost-Groningen.
Strategisch beleidsplan 2023 – 2027 “Verbinden, verbeelden & verwonderen”
Kinderen worden onbevangen geboren. Ze zijn sterk, krachtig en creatief. Kinderen zijn uniek en maken een ontdekkingsreis om de (complexe) wereld te leren kennen. Zo ontdekken kinderen hun eigen kracht en talenten. Wij willen kinderen zodanig inspireren en nieuwsgierig maken dat ze het beste uit zichzelf halen waarmee ze zich ontwikkelen tot sociale en zelfstandige burgers in verbinding met de medemens en omgeving. We richten ons op de brede ontwikkeling van kinderen waarin de basisvaardigheden centraal staan.
Bestuursverslag & jaarrekening
Vanuit onze gezamenlijke missie en visie werken we hard om onze ambities te verwezenlijken. Dit vanuit de overtuiging dat alle kinderen in Oost-Groningen onderwijs van hoge kwaliteit verdienen dat verzorgd wordt in een veilige en uitdagende omgeving. Alle kinderen moeten zich optimaal kunnen ontwikkelen en we willen uit kinderen halen wat erin zit. Daar staan we voor.
In de basis blijven we zorgen voor onderwijs van voldoende kwaliteit en brengen verbeteringen aan als het nodig is. We verantwoorden ons aan de omgeving en gaan verstandig om met het geld. Onze visie en speerpunten zijn herkenbaar in de plannen van de kindcentra.
We bieden onze kindcentra de ruimte om mee te bewegen met wat de directe omgeving van hen vraagt. Dat houdt in dat er ruimte moet zijn voor veranderingen. Een kindcentrum kan bewegen naar een aangepast onderwijsconcept, naar thuisnabij onderwijs voor ieder kind, of de school kan zich ontplooien tot een volwaardig Integraal Kindcentrum (IKC).
Voor alles wat we gaan doen, geldt dat we het samen gaan doen. We leren met elkaar leren, want we zijn één organisatie en samen staan we voor SOOOG
Managementstatuut
Het College van Bestuur en het management van SOOOG werken volgens de ‘Governancecode Funderend Onderwijs’. Conform artikel 31 van de Wet op het pirmair onderwijs (WPO) is het managementstatuut een nadere uitwerking van deze code. Het regelt de werkverhouding tussen het College van Bestuur en het management van SOOOG.
Onderwijs
Toelating van leerlingen
Openbaar onderwijs moet zich aan een aantal wetten en regels houden. In artikel 23 van de Grondwet staat bijvoorbeeld dat openbaar onderwijs voor iedereen is. Dat betekent dat iedereen welkom is op de scholen van SOOOG.
In een andere wet, de Wet op het Primair Onderwijs (WPO), staat vanaf welke leeftijd kinderen naar school mogen en hoe lang het onderwijs hoort te duren. In artikel 40 van de WPO staat dat kinderen altijd moeten worden toegelaten tot het openbaar onderwijs, ook als er geen ouderbijdrage betaald wordt. In artikel 46 van de WPO staat dat het op openbare scholen niet uitmaakt welke godsdienst of levensbeschouwing kinderen hebben. Iedereen is welkom. Het openbaar onderwijs moet zich ook altijd aan de Algemene wet bestuursrecht (Awb) houden.
De leerkracht is ziek, wat gebeurt er met mijn kind?
Helaas gebeurt het soms dat de leerkracht van uw kinderen ziek wordt. Gelukkig worden de kinderen de eerste dag niet naar huis gestuurd maar op school opgevangen. Door leerlingen (tijdelijk) over de andere groepen te verdelen, onderwijsassistenten en niet onderwijsgevende collega’s in te zetten kunnen we dit doen.
Soms is de leerkracht langer dan een dag ziek. Uiteraard wordt er veel moeite voor gedaan om voor vervanging te zorgen. Helaas lukt dit niet in alle gevallen door het tekort aan invalleerkrachten. Dan is uw kind vrij. De school zal zorgen dat dit zo spoedig mogelijk aan de ouders meegedeeld wordt.
Bij langdurige ziekte wordt ernaar gestreefd om zoveel mogelijk een vaste invalleerkracht voor de klas te zetten. Dit geeft de meeste continuïteit voor het leerproces en het is voor de leerlingen het prettigst: het geeft rust en ze krijgen de gelegenheid om te wennen aan één persoon. Dit kan betekenen dat soms ook kinderen van andere groepen een dag thuis moeten blijven. Op deze manier wordt de pijn een beetje verdeeld. Omdat van tevoren vaak bekend is welke groep een dag thuisblijft, is het lesprogramma in de dagen voorafgaand aan de vrije dag al aangepast, zodat er geen achterstand zal ontstaan. Voor directie en leerkrachten heeft het vervangen van een zieke collega ook gevolgen voor de andere taken die zij vervullen. Het is een heel gepuzzel om én les te geven én die andere taken naar behoren te verrichten. Zolang er een tekort is aan vervangende leerkrachten, zal steeds geprobeerd worden de vervanging van een zieke leerkracht zo te regelen dat de kinderen er zo min mogelijk last van hebben. Immers: zij willen toch het liefst les van hun eigen juf of meester krijgen.
Voor meer informatie over de manier waarop de school van uw kinderen hiermee omgaat verwijzen wij naar de schoolspecifieke protocollen op de website van de school en naar de schoolgids van de desbetreffende school.
Protocol medicijnverstrekking en medisch handelen op school
Op school komt het regelmatig voor dat leerlingen klagen over pijntjes die vaak te verhelpen zijn met eenvoudige middelen. Af en toe vragen ouders ons om hun kinderen medicijnen te geven die ze van de arts hebben gekregen. Een enkele keer worden medische handelingen van leerkrachten gevraagd. Zoals het geven van sondevoeding, een zetpil of een injectie.
Als scholen zulke dingen doen, nemen ze daarmee een verantwoordelijkheid. Voor leerkrachten kan dit lastig zijn, omdat ze hier vaak niet voor opgeleid zijn. Het gaat om de gezondheid van kinderen, dus het is heel belangrijk dat leerkrachten zorgvuldig handelen en ervoor zorgen dat ze precies weten wat ze moeten doen. Ook moeten leerkrachten weten dat zij, als ze fouten maken of zich vergissen, hiervoor aansprakelijk kunnen worden gesteld.
Hoe we op onze scholen met deze situaties omgaan staat in ons protocol medicijnverstrekking en medisch handelen op school dat u via onderstaande link kunt inzien.
Regeling Time-out, schorsing en verwijdering van leerlingen
Als een leerling geschorst wordt mag hij/zij tijdelijk niet meer op school komen. Zolang de schorsing duurt krijgt de leerling dus geen les meer. Een schorsing duurt maximaal vijf schooldagen. Een leerling wordt geschorst bij ernstig wangedrag van de leerling of ouder(s)/verzorger(s). Bijvoorbeeld mishandeling, diefstal, of het steeds weer negeren van schoolregels. De school moet dan direct optreden en heeft tijd nodig om een oplossing te zoeken.
Een leerling van school sturen is heel ingrijpend en gebeurt niet zomaar. Het is een laatste redmiddel dat alleen wordt gebruikt bij ernstige verstoring van de rust of de veiligheid op school.
Klachtenregeling
De klachtenregeling is bedoeld voor individuele gevallen. De regeling beschrijft de procedure voor het indienen en behandelen van de klacht. Uitgangspunt is dat de klacht zoveel mogelijk door de betrokken partijen binnen de school wordt opgelost. Om de klager zo nodig bij te kunnen staan heeft SOOOG een externe vertrouwenspersoon. Alle informatie kunt u lezen in onze klachtenregeling, die u kunt downloaden.
Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling basisonderwijs
Deze meldcode voor het basisonderwijs is gebaseerd op de landelijke standaard voor professionals. De meldcode Huiselijk geweld en kindermishandeling helpt professionals bij vermoedens van huiselijk geweld of kindermishandeling. Aan de hand van 5 stappen bepalen professionals of ze een melding moeten doen bij Veilig Thuis en of er voldoende hulp kan worden ingezet.
Kwaliteitsbeleid onderwijs
Het bevoegd gezag van de Stichting Openbaar Onderwijs Oost Groningen (SOOOG) is eindverantwoordelijk voor de kwaliteit van haar scholen. Dit gaat dan over materiële kwaliteit, huisvestingskwaliteit, personele kwaliteit en onderwijskwaliteit.
In onderstaande notitie geven we als SOOOG nadere uitwerking aan ons beleid betreffende onderwijskwaliteit:
Privacy
Informatiebeveiligings- en privacy beleid
Het informatiebeveiligings- en privacy beleid (IBP-beleid) is erop gericht om de kwaliteit van de verwerking van informatie en de beveiliging van persoonsgegevens te optimaliseren waarbij er een juiste balans moet zijn tussen privacy, functionaliteit en veiligheid.
Privacyreglement leerlingen
Met het privacyreglement wil Stichting Openbaar Onderwijs Oost Groningen duidelijkheid geven over het beleid en de regels van de organisatie rondom de omgang met privacy en persoonsgegevens.
Privacy verklaring leerlingen
SOOOG verwerkt van zijn leerlingen persoonsgegevens. SOOOG vindt privacy van groot belang en gaat zorgvuldig en vertrouwelijk om met persoonsgegevens. Daarbij voldoet SOOOG aan de eisen van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). In de privacyverklaring leggen wij u graag uit hoe wij met de persoonsgegevens van onze leerlingen omgaan.
Privacyreglement medewerkers
Met het privacyreglement wil Stichting Openbaar Onderwijs Oost Groningen duidelijkheid geven over het beleid en de regels van onze organisatie over de omgang met privacy en de verwerking van persoonsgegevens van medewerkers.
Gedragscodes
In de gedragscode van SOOOG staan concrete regels en algemene gedragslijnen geformuleerd. De gedragscode geldt voor personeelsleden, (hulp)ouders en leerlingen. Wanneer men de gedragscode niet naleeft kan men hierop aangesproken worden door zowel leidinggevende, collega’s, ouders en leerlingen. Alle informatie kunt u lezen in onze gedragscode, die u kunt downloaden.
Overig
Klokkenluidersregeling
De regeling betreffende het omgaan met een vermoeden van een misstand of een inbreuk op het Unierecht binnen SOOOG biedt een beschrijving van de procedure die gevolgd moet worden wanneer een (op redelijke gronden gebaseerd) vermoeden van een misstand of een inbreuk op Unierecht bestaat.